maandag 15 oktober 2012

"De hoveling" van Baldassare Castiglione

Na afloop van de alleraardigste bijeenkomst in Haarlem, ter viering van de veertigste Erwindag, bleef ik met een ongemakkelijk gevoel zitten. Nee, De hoveling van Baldassare Castiglione speelt zich niet af aan het hof van de Medici, zoals Wim Vogel in eerste instantie beweerde. Gelukkig was daar Meijsing, om hem van repliek te dienen en te beweren dat het zich afspeelt aan het hof van de Gonzaga's te Mantua. Maar zo gelukkig was die uitspraak van Meijsing toch niet helemaal:

Castiglione trad in 1499 in dienst van Francesco Gonzaga, condottiere van Mantua. Van 1504 tot 1513 diende hij aan het hof van Urbino hertog Guidobaldo da Montefeltro en na diens dood in 1508 Francesco Maria della Rovere. In 1513 werd Castiglione als ambassadeur van Urbino naar Rome gezonden, waar hij vriendschap sloot met Rafaël, die van hem een bekend portret heeft geschilderd. Toen hertog Francesco Maria door de paus uit Urbino was verdreven, vertrok Castiglione naar Mantua, waar hij rustige jaren beleefde en vanaf 1519 was hij ambassadeur van Mantua in Rome. In 1521 stierf zijn vrouw in het kraambed en Castiglione liet zich tot priester wijden. Van 1524 tot aan zijn dood in 1529 was hij voor paus Clemens VII nuntius in Spanje.

Raffaello Sanzio da Urbino: Portret van Baldassare Castiglione
Het Boek van de hoveling speelt in maart 1507 aan het hof van de hertog van Urbino, een van de luisterrijkste hoven van die tijd. Er worden gefingeerde gesprekken gevoerd door niet-gefingeerde personages. In het najaar van 1506 had de oorlogszuchtige paus Julius II (tevens mecenas van de kunsten) een veldtocht ondernomen om Bologna weer stevig in zijn greep te krijgen. Op zijn terugweg naar Rome bleef de paus een paar dagen in Urbino, vanwaar hij op 5 maart vertrok, maar een deel van zijn hofhouding bleef, zo schrijft Castiglione, nog wat langer in Urbino. In die dagen zouden de gesprekken plaats hebben gevonden. 
 
Onder leiding van de hertogin van Urbino en haar vriendin Emilia Pia brengt een uitgelezen gezelschap vier lange avonden door met een soort gezelschapsspel: 'het scheppen van de ideale hoveling door middel van woorden'. De hoveling is de ideale, evenwichtige renaissancemens. Hij verenigde de middeleeuwse ridder en de moderne, hoffelijke en geletterde liefhebber van de schone kunsten in zich, hij was vechtersbaas en liefhebber van schoonheid tegelijk.

Castiglione heeft twintig jaar aan De hoveling gewerkt. Een eerste versie had hij omstreeks 1508 al gereed, maar hij liet het vervolgens liggen vanwege zijn drukke werkzaamheden in Rome. In de rustige jaren in Mantua tussen 1513 en 1518, voltooide hij het min of meer. Hij liet het lezen aan vrienden en zij raadden hem aan het werk te laten drukken. Het duurde tot na de dood van hertogin Elisabetta Gonzaga in 1526, totdat hij er werk van maakte het boek in druk te laten verschijnen. In 1527 zond hij een bijgewerkt manuscript naar de beroemde Venetiaanse drukker Aldus Manutius, met nauwkeurige aanwijzingen voor de uitvoering. Er moesten 1030 exemplaren worden gedrukt, Castiglione nam de helft van de kosten voor zijn rekening, want hij wilde zelf 500 exemplaren afnemen voor vrienden, en er moesten er dertig, ook voor eigen gebruikt, worden gedrukt op het beste papier dat in Venetië te vinden was. In april 1528 kwam het boek uit.
Toen het boek was gedrukt, behoorde de wereld zoals zij erin is beschreven in Italië al tot het verleden. Toch beleefde Il libro del Cortegiano in de zestiende eeuw alleen al in Italië meer dan veertig drukken. Snel zouden vertalingen volgen. De Nederlandse vertaling verscheen pas voor het eerst in 1662, onder de titel De volmaeckte Hovelinck. Later was het werk nergens zo populair als in Engeland, waar het voor het eerst verscheen in 1561 en meer dan twintig uitgaven heeft beleefd. Het gedrag van de ideale hoveling werd de norm voor de beheerste Engelse gentleman.

Toen James Joyce het boek had gelezen, zei zijn broer dat hij beleefder was geworden maar minder oprecht*.

Willem van Roij
9 oktober 2012

* Bovenstaande is gebaseerd op de inleiding van de Nederlandse vertaling door Anton Haakman, 1991 Uitgeverij Contact.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen