Posts tonen met het label Bob Evers Genootschap. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Bob Evers Genootschap. Alle posts tonen

zondag 10 juni 2012

Doeschka en Willem

Het Bob Evers Genootschap publiceert twee keer per jaar een nieuwsbrief. Bestuurslid Geerten Meijsing is vaste columnist. In de nieuwste editie, nummer 38, staat een prachtig stuk van zijn hand, een stemmige hommage aan Doeschka die het verdient onder bredere aandacht gebracht te worden dan die van de verstokte jongensboekenliefhebbers. Daarom hier de link.

'Dit is de eerste keer dat ik iets over de dood en begrafenis van mijn zuster schrijf. Het valt mij gemakkelijker dat op deze plek te doen, alsof het dan in de familie blijft; alsof ik dan een onderonsje heb met Willem, liefst om half twaalf ‘s avonds in de Restauratie Eerste Klasse van het treinstation van Haarlem. Want Willem hoorde wel een beetje tot de familie, wij hadden hem in de familiekring getrokken, wij waren allemaal Bob Evers-kinderen en Willem was letterlijk bij ons kind aan huis toen ik nog bij mijn ouders woonde, hetgeen soms scènes opleverde die niet misstaan zouden hebben in „Toen ik een nieuw leven ging beginnen en andere waargebeurde verhalen uit de jaren vijftig”.'

maandag 23 mei 2011

Bob en Eefje

Een meisjesleven, blz. 120-121 : ‘Een van deze efemere genootschappen waarvan Tony en Erik ook lid waren in een bestuursfunctie […] had een plechtigheid te verrichten op een braakveldje tegenover het Amsterdamse CS […]. Op rekening van de drukker van het sekstijdschrift hadden Tony en Erik jacquets met hoge hoeden gehuurd. Ikzelf had voor de plechtigheid een bont zwart jurkje met zwarte kousen aangetrokken. Tegen de sneeuw was dit hele gezelschap gewapend met zwarte paraplu’s. Er was een rondvaartboot afgehuurd, en aan boord werd veel gedronken. De plechtigheid zelf duurde heel kort en was zeer stemmig: er werden kelen geschraapt voor de microfoon, speeches uitgewisseld, beschaafd geapplaudisseerd, glazen geheven en tot slot werd er door een in overall gestoken dichter een herinnering begraven in de ten behoeve van het metrostation omgewoelde en bevroren aarde.’

De gebeurtenis die Eefje hier beschrijft is de oprichting van het Bob Evers Genootschap op woensdag 6 december 1972. Een paar jaar geleden gaf bestuursvoorzitter Peter J. Muller (voormalig uitgever van het door Eefje genoemde ‘sekstijdschrift’ Candy) het volgende retrospectieve verslag van de oprichting, in een toespraak ter gelegenheid van het vijfendertigjarig bestaan van het genootschap: ‘Maar ik dwaal af, en ik neem u weer aan de hand, terug in de tijd naar die druilerige woensdag in december 1972, aan het einde van de middag, waarop het voltallig in rokkostuum gestoken Bestuur, samen met een lichtelijk aangeschoten Willem W. Waterman, gekleed in legerjas en schipperspet, bijeenkwam in café „De Oude Wester” […] van waaruit wij dan per speciaal voor dit doel gecharterde rondvaartboot richtings CS voeren, waarna wij te voet, wadend door de modder, ons begaven naar de plek waar het Noord-Zuidhollands Koffiehuis had gestaan, om aldaar […] een metalen koker in de grond te begraven met daarin de statuten van het Genootschap alsmede persoonlijke documenten van de bestuursleden en van Willem zelf. De kuil werd gegraven door de in overall en kaplaarzen gestoken Jaap Verduijn van het Nieuwsblad van de Boekhandel en Uitgeverij’.

Tony Mascini en Erik Provenier zijn, zoals we inmiddels weten, de literaire pendanten van Frans Verpoorten jr. en Geerten Meijsing. Keith Snell, eveneens bestuurslid van het genootschap van het eerste uur, treedt in het Provenier-universum op als Kanger maar ontbreekt nog in Een meisjesleven en is dus ook afwezig in Eefjes verslag van de oprichtingsbijeenkomst. Dat hij daar wel degelijk bij was blijkt uit de foto’s die zijn opgenomen in de Bob Evers Nieuwsbrief nr. 30 van januari 2008, waarin ook de feestrede van Peter J. Muller staat waaruit ik zojuist citeerde. Een van deze foto’s is Joyce & Co-lezers welbekend: die op de veertiende pagina van het eerste fotokatern in Werkbrieven 1968-1981, foutief gedateerd als ‘6 december 1975’. Maar zie bij voorbeeld ook deze foto, genomen op de rondvaarboot:


v.l.n.r.: Peter J. Muller, Gerard Bernard (eigenaar van de kroeg P-83), Keith Snell, Willem van den Hout en de (toenmalige) vriendin van Frans Verpoorten jr.’

Jawel, daar zit ze in het hoekje van de foto: Eefje!

Jack van der Weide

dinsdag 21 september 2010

Onbetrouwbaar


Wim Zaal in Elseviers Magazine, 4 december 1982, over Werkbrieven 1968-1981 van Joyce & Co: “de werkbrieven zijn nogal vaag, zo niet onbetrouwbaar. Zo klaagt Verpoorten op 9 december 1975 dat er wekenlang geen enkel contact is geweest, maar verderop in het boek zie je een foto van alle firmanten bijeen, slechts drie dagen vóór die brief genomen”. En inderdaad, op de veertiende pagina van het eerste fotokatern staat een foto van de drie firmanten in rokkostuum met als datum “6 december 1975”.

Die datum is aanwijsbaar fout: de foto is afkomstig uit een serie, genomen tijdens de oprichtingsbijeenkomst van het Bob Evers Genootschap. Hierboven een andere foto uit deze serie, met v.l.n.r. Geerten Meijsing, Kees Snel, Peter Muller, Frans Verpoorten en Coen van der Linden. Over die oprichtingsbijeenkomst een andere keer. Mijn punt: niet de werkbrieven zijn onbetrouwbaar, maar hier en daar wel de dateringen bij de foto’s.

Nog een voorbeeld, de foto op de vijftiende pagina van het eerste fotokatern: Geerten Meijsing en Frans Verpoorten tijdens een partij schaak, met als datering “zomer 1976”. Deze foto stond echter al in 1973 afgedrukt in het nummer van Raster met een voorpublicatie uit Erwin. Onderschrift daar: “Twee firmanten van Joyce & Co.: Geerten Meijsing (l.) en Frans Verpoorten (r.), (foto: Frans Verpoorten jr.)”. Wellicht kan Frans Verpoorten uitkomst verschaffen over de juiste datering van de foto.

Jack van der Weide

zaterdag 14 augustus 2010

In memoriam : Kees Robert Jozef Kanger Snel - * 16 maart 1951 - † 18 juni 2010

En toen waren er nog maar vier... Wordt het Bob Evers Genootschap met uitsterving bedreigd? U weet dat het Genootschap geen leden kan toelaten die Willem Waterman niet persoonlijk gekend hebben. Daarom is het des te pijnlijker en met dieper smart dat het Bestuur van het Bob Evers Genootschap, dat tevens het Genootschapzelf vormt, kennis moet geven van het ontijdig maar vredig overlijden van het bestuurslid Kees Snel a.k.a. Keith Snell. Hij is nog geen zestig jaar oud geworden; diverse ziektes knaagden al langer aan hem, zodat hij zich niet vaak in het openbaar kon vertonen. Misschien heeft niemand van u hem ooit in levenden lijve gezien, maar hij was wel degelijk aanwezig bij de oprichting van het Genootschap op 6 december 1972, met het begraven van de luchtdichte koker met geheime inhoud in de bouwput onder het destijds verdwenen, en mede dankzij de inzet van het Genootschap later weer herrezen Noord-Zuid-Hollandsch Koffiehuis, alles gedocumenteerd met fotografieën.
Het curieuze aan de verschijning van bestuurslid en medeoprichter van het Genootschap was dat hij het meest aanwezig was door zijn afwezigheid: op bovenstaande oprichtingsfoto gaat hij bijna geheel verborgen achter de voor het graafwerk ingehuurde, communistische arbeider in overall.
Kees was een levenslange vriend van mij. Ritueel onderdeel van onze veelvuldige bijeenkomsten was het voorlezen uit de Bob Evers-boeken. Later kwam Frans Verpoorten jr. daar bij. Gedrieën zijn wij door Peter Muller en Coen van der Linden op het spoor gezet: waar konden wij de auteur van de Bob Evers-boeken, voor ons toen nog Willy van der Heide, vinden. Het was voor mij een godswonder dat Peter Muller, met wie ik op geheel andere wijze in contact ben gekomen, de auteur persoonlijk kende, en ons zelfs, via een Grundig Bandafspeelapparaat, liederen kon laten horen die door Willem Waterman, zoals de auteur voortaan door ons en door iedereen genoemd werd, werden gezongen. Willy van der Heide had voor ons een stem gekregen – een bulderende militaire stem die voor ons uit elke zin van de Bob Evers-boeken blijft opklinken. Peter en Coen waren al gauw te vinden voor de oprichting van het Genootschap - zo belangrijk en van onvergetelijke waarde achtten wij allen de Bob Evers-serie. Inmiddels is gebleken dat wij daar niet slecht aan gedaan hebben.
Jongens waren we, stoute jongens.
Kort voor zijn dood heeft Keith mij nog in Italië gebeld. We belden regelmatig. Bij die gelegenheid zei hij dat hij eigenlijk niet meer van zijn kamer af kwam. Ik was te argeloos om onheil te voorvoelen, want ook ik kom niet graag van mijn kamer af: „Alle narigheid van de wereld komt daaruit voort, dat de mensen niet gewoon in hun kamer blijven zitten,” heeft een wijs man gezegd, Thomas à Kempis. Keith is zijn kamer uit gedragen, voeten voorop.
Het leven is niet gemakkelijk voor hem geweest. Keith was hoogbegaafd, jeugdkampioen schaken en bezat een bizarre humor. Ik kan maar niet begrijpen dat hij zo plotseling gestorven is, want hij had nergens haast mee.
Willem Waterman heeft eens in een radio-interview met Pamela Koevoets gezegd: „Dit zijn de jongens van het Bob Evers Genootschap, eh, de vroegere Joyce & Co.” Dat was niet correct. Samen met Keith heb ik in 1968 Joyce & Co. opgericht, dat later als pseudoniem voor onze eerste boeken werd gebruikt. Met het BEG had dat niets te maken, al was er een overlapping.
Het is een groot verlies, maar ik weet dat hij altijd naast mij zal blijven staan, zoals hij mij zijn hele leven heeft gesteund. We hebben vooral veel plezier met elkaar gehad, in onze bizarre en idiosyncratische gesprekken. Ik denk dat die gesprekken gewoon door blijven gaan.

Frans Verpoorten jr. heeft tijdens de besloten begrafenis aan de Vergierdeweg in Haarlem-Noord de honneurs voor het Genootschap waargenomen.

Namens de Voorzitter Peter J. Muller, en de andere bestuursleden van het Genootschap: Coen van der Linden en Frans H.B.Verpoorten jr., die delen in de rouw,

zijn vriend: Geerten Meijsing


Uit: Bob Evers Nieuwsbrief nr. 35 juli 2010 - 17e jaargang nr. 2 (blz. 442-443)